Het park

Al in de 15e eeuw is bij de Cannenburch sprake van een watermolen en een bos, genaamd Vogelhegge. Ten tijde van Marten van Rossem was er een tuinaanleg, compleet met kruidentuin en doolhof, waarvoor boompjes uit Luxemburg werden gehaald. Het water van de nabijgelegen sprengen en beken waren van belang om een molen aan te drijven en de visvijvers op peil te houden.

Beken

Het stelsel van molenbeken werd tussen 1660 en 1700 aangelegd. Een molenbeek voert water naar het rad van een watermolen. In de jaren zestig van de 18e eeuw volgden belangrijke verfraaiingen van de tuin, waarvan de cascade achter het kasteel een restant is. Ook in de 19e eeuw zijn er enkele aanpassingen geweest. Maar deze hebben de oorspronkelijke 17e-eeuwse structuur van het park nauwelijks aangetast.